De Wet DBA: wanneer loop je risico op naheffingen voor premies en belastingen?
Nieuws

De Wet DBA: wanneer loop je risico op naheffingen voor premies en belastingen?

Alhoewel de handhaving van de Wet DBA tot 1 januari 2018 is opgeschort, lijdt de invoering tot veel onzekerheid. De wet geeft vooraf immers geen zekerheid over de aard van de arbeidsrelatie, namelijk of er sprake is van zzp of dienstverband. Om de arbeidsrelatie vast te leggen kunt u als opdrachtgever gebruik maken van bestaande overeenkomsten of een eigen overeenkomst voorleggen.

Tot nu toe is de ervaring dat bij veel overeenkomsten die aan de belastingdienst zijn voorgelegd, de belastingdienst aangeeft dat het bestaan van een (fictief) dienstverband op voorhand niet is uit te sluiten. Besluit u als opdrachtgever samen met uw opdrachtnemer toch op de in de overeenkomst aangegeven wijze met elkaar te gaan werken, dan loopt u een risico dat achteraf nog allerlei heffingen voor premies en belastingen moeten worden betaald.


Zelf een overeenkomst voorleggen
Opdrachtgevers en opdrachtnemers dienen onder de Wet DBA met overeenkomsten te werken waaruit de aard van de arbeidsrelatie moet blijken. De belastingdienst heeft daarvoor modelovereenkomsten opgesteld. Als deze modelovereenkomsten niet toepasbaar zijn op de situatie van een opdrachtgever en opdrachtnemer, dan kan de zelf opgestelde overeenkomst worden voorgelegd aan de belastingdienst.


Wanneer is er sprake van een dienstverband en wanneer niet?
Er is sprake van een dienstverband indien er sprake is van arbeid, welke wordt verricht tegen betaling van loon en waarbij tevens sprake is van een gezagsverhouding tussen u als werkgever en degene die de arbeid verricht. Bij de beoordeling of sprake is van een dienstverband in arbeidsrechtelijke zin gaat het vaak om de gezagsverhouding. Als die immers afwezig is maar er is wel sprake van arbeid en loon, dan is er geen sprake van een dienstverband.


Het fictief dienstverband
Er is sprake van een fictief dienstverband als een echt dienstverband ontbreekt maar er wél loonbelasting en premies betaald moet worden. Deze situatie doet zich voor als wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
• de opdrachtnemer is afhankelijk van de opdrachtgever (grootste deel van omzet bij een of twee opdrachtgevers)
• het werk persoonlijk verricht moet worden
• de overeenkomst voor onbepaalde tijd is aangegaan
• de werkzaamheden minimaal twee dagen per week worden verrichtde vergoeding hoger dan 40% van het minimumloon is én
• de arbeidsverhouding niet in overwegende mate wordt beheerst door een familieverhouding.


Geen fictief dienstverband
Er is géén sprake van een (fictief) dienstverband indien de zelfstandige zijn werkzaamheden zelfstandig en voor eigen rekening en risico verricht en hij daarbij een ondernemersrisico loopt. Indien aan deze laatste criteria voor zelfstandig ondernemer is voldaan, lopen u en de opdrachtnemer geen risico op naheffingen van belastingen en premies.


Let op! Ook indien partijen op basis van een modelovereenkomst van de belastingdienst, of met een door de belastingdienst goedgekeurde overeenkomst werken, dan is er geen waterdichte garantie dat geen naheffingen voor premies en belastingen zullen volgen. Als de feitelijke situatie namelijk afwijkt van de in de overeenkomst geschetste situatie, kan de belastingdienst alsnog oordelen dat sprake is van een (fictief) dienstverband en naheffingen opleggen.


Tip: Indien u twijfelt of er mogelijk sprake is van een (fictief) dienstverband, of u bevindt zich in een grijs gebied, dan is het raadzaam om reserves aan te leggen voor mogelijke naheffingen voor premies en belastingen.


Werkt u met (tijdelijke) arbeidskrachten zonder vast dienstverband en heeft u hier vragen over? Neem dan contact met ons op. Wij adviseren u graag.

Terug naar overzicht